Veiligheidscoördinatie

Wanneer is een veiligheidscoördinator noodzakelijk?

Sinds 1 mei 2001 moet voor elk bouwwerk, waar 2 of meer aannemers aan te pas komen, verplicht een veiligheidscoördinator worden aangesteld en dit zowel voor de ontwerp- als voor de uitvoeringsfase. Dit geldt dus ook voor de bouw van landbouwconstructies en verbouwingen.
De maatregel kwam er in uitvoering van een Europese richtlijn en kreeg vorm in het KB betreffende de tijdelijke of mobiele werkplaatsen. De aanstelling van een veiligheidscoördinator heeft vooral tot doel de onderlinge coördinatie tussen de verschillende (onder)aannemers te verbeteren.

Taken als veiligheidscoördinator

De bouwheer mag van de veiligheidscoördinator verwachten dat hij de veiligheidsaspecten van het bouwwerk coördineert met het oog op een veilige verwezenlijking, een veilig gebruik en een veilig onderhoud van het bouwwerk.

De veiligheidscoördinator maakt drie documenten op. Deze worden aangepast en bijgewerkt in de tijdsduur nodig voor het ontwerp en de verwezenlijking van het bouwwerk :

    Het veiligheids- en gezondheidsplan, waarin op basis van een risico-analyse de nodige preventiemaatregelen worden opgetekend.
    Het coördinatiedagboek, waarin de voor de veiligheid relevante gebeurtenissen, vaststellingen en opmerkingen worden genoteerd.
    Het postinterventiedossier, dat het bouwwerk beschrijft en dat gedurende de levensduur ervan bij het bouwwerk zal blijven. (dit laatste document moet bij de verkoop van het onroerend goed worden overgedragen aan de notaris).

Aanstelling van een veiligheidscoördinator

In het geval het ontwerp en de verwezenlijking van het bouwwerk worden ondernomen voor rekening van één of meerdere particulieren en het bouwwerk niet bestemd is voor professioneel of commercieel gebruik (bv. bouw van een privé woning), valt de verplichting tot het aanstellen van een veiligheidscoördinator ontwerp ten laste van de bouwdirectie belast met het ontwerp en de aanstelling van de veiligheidscoordinator verwezelijking valt ten laste van de bouwdirectie belast met de uitvoering.
Concreet betekent dit dat de architect instaat voor de aanstelling van de veiligheidscoördinator(en) ingeval de architect het bouwwerk begeleidt van ontwerp tot en met verwezenlijking.
Wanneer evenwel de architect in de verwezenlijkingsfase als bouwdirectie belast met de controle op de uitvoering wordt vervangen door een andere (rechts)persoon (sleutel-op-de-deur bouwbedrijf, hoofdaannemer, bouwheer, …) komt deze verplichting ten laste van deze laatste (voor zover er nog geen coördinator-verwezenlijking is aangesteld).

Documenten van de veiligheidscoördinatie

Veiligheids- en gezondheidsplan.

Het veiligheids- en gezondheidsplan is het document of het geheel van documenten dat de risicoanalyse en de vast te stellen preventiemaatregelen bevat ter voorkoming van de risico's waaraan de werknemers kunnen blootgesteld worden.
Het bevat:

  • Administratieve informatie (namen en adressen van de opdrachtgever(s), bouwdirecties en aannemers, coördinator-ontwerp en -verwezenlijking).
  • De risico-analyse en de preventiemaatregelen verbonden aan de werkzaamheden.
  • De preventiemaatregelen die in acht moeten genomen worden.
  • De specifieke maatregelen m.b.t. de werkzaamheden met een verhoogd risico.
  • De kritieke fasen tijdens dewelke de coördinator-verwezenlijking moet aanwezig zijn op de bouwplaats.
  • De preventiemaatregelen voor eventuele latere werkzaamheden.
  • De beschrijving van het te realiseren bouwwerk vanaf het ontwerp tot de volledige verwezenlijking.
  • De raming van de duur van de uitvoering van de verschillende werken of werkfasen die tegelijkertijd of na elkaar plaatsvinden.


Het veiligheids- en gezondheidsplan moet opgesteld worden wanneer de veiligheidscoördinatie verplicht is.
Het is bovendien steeds verplicht als er bepaalde werken voorzien zijn die als gevaarlijk of met een verhoogd risico worden beschouwd (bv. gevaren van bedelving, valgevaar van 5 meter of meer, graven of werken aan putten van meer dan 1,2 meter diepte, werken in de nabijheid van drijfzand of slib, ondergrondse werken en tunnelwerken, werkzaamheden onder overdruk, met duikuitrusting, met springstoffen, met (de) montage van geprefabriceerde elementen,...).

Het veiligheids- en gezondheidsplan is bovendien verplicht voor de bouwplaatsen:

Waarvan de vermoedelijke duur van de werkzaamheden langer is dan 30 werkdagen en waar meer dan 20 werknemers tegelijkertijd aan het werk zijn, of

  • Waarvan het vermoedelijk werkvolume groter is dan 500 mandagen.
  • Voor de andere bouwplaatsen volstaat al naargelang het geval een "vereenvoudigd" veiligheids- en gezondheidsplan of een schriftelijke overeenkomst.
  • De opdrachtgever moet er voor zorgen dat het veiligheids- en gezondheidsplan deel uitmaakt van het bijzonder bestek, de prijsaanvraag of de contractuele documenten, en dat het daarin als afzonderlijk en als dusdanig betiteld deel wordt opgenomen, en dat:
  • De aannemers bij hun offertes een document voegen dat verwijst naar dit plan en waarin zij beschrijven op welke wijze zij het bouwwerk zullen uitvoeren om rekening te houden met het veiligheids- en gezondheidsplan;
  • De aannemers in hun offertes een afzonderlijke prijsberekening voegen i.v.m. de door het plan bepaalde preventiemaatregelen en -middelen, inbegrepen de buitengewone individuele beschermingsmaatregelen en -middelen;
  • De coördinator-ontwerp de opdrachtgever kan adviseren inzake de overeenstemming -of niet-overeenstemming) van de door de aannemers voorgestelde uitvoeringswijze met de bepalingen van het veiligheids- en gezondheidsplan.

Coördinatiedagboek

Het coördinatiedagboek is het document of het geheel van documenten dat door de coördinator wordt bijgehouden, en dat, op genummerde bladzijden, de gegevens en aantekeningen vermeldt betreffende de veiligheidscoördinatie en gebeurtenissen op de bouwplaats.
Indien het gaat om bouwplaatsen van gelijk of groter dan 500 m², zonder verhoogd risico, of een werkvolume van minder dan 500 mandagen volstaat het schriftelijk in kennis stellen van de betrokkenen van hun eventuele gedragingen, handelingen, keuzen of nalatigheden die in strijd zijn met de algemene preventieprincipes.


Postinterventiedossier

Dit dossier bevat de voor de veiligheid en gezondheid nuttige elementen waarmee bij eventuele latere werkzaamheden moet worden rekening gehouden en dat aangepast is aan de kenmerken van het bouwwerk.
Het bevat onder andere:

  • De architecturale, technische en organisatorische elementen in verband met de verwezenlijking, de instandhouding en het onderhoud van het bouwwerk;
  • De informatie voor de uitvoerders van de te voorziene latere werkzaamheden, meer bepaald de herstelling, vervanging of ontmanteling van installaties of constructie-elementen;
  • De relevante verantwoording van de keuzen in verband met de toegepaste uitvoeringsmethoden, technieken, materialen of architecturale elementen.

Indien het gaat om bouwplaatsen van gelijk of groter dan 500 m², zonder verhoogd risico of met een werkvolume van minder dan 500 mandagen, en indien het gaat om een bouwplats van minder dan 500 m² mag een vereenvoudigde versie van het postinterventiedossier.
Dit document is verplicht op alle bouwplaatsen waar een coördinatie moet worden georganiseerd. Het is aan de coördinator(en) om het dossier te openen, aan te vullen en bij te werken.